Sonett-Forum

Normale Version: Johan Andreas der Mouw: Brahman 1 / 044 Zoals de ruiter over 't Bodenmeer
Du siehst gerade eine vereinfachte Darstellung unserer Inhalte. Normale Ansicht mit richtiger Formatierung.
Johan Andreas der Mouw
1863 - 1919 Niederlande

Aus Brahman I

044


Zoals de ruiter over 't Bodenmeer -
Voortvloog sneeuwstuivend 't paard. 'T werd schemering.
Zijn schaduw, blauwe reus, tot grauw verging.
Ook 't laatste violet. De nacht zonk neer.

Eindigt dan nooit de vlakte? Nauwlijks meer
Ziet hij de grens van sneeuw en kimmenring.
Goddank! Uit verre lamp een tinteling:
Hij móét naar de overkant - Hij staat aan 't veer.

Verbijsterd spreekt de veerman. En hij hoort.
Maar hoort iets anders: hoort, hoe zijn galop
Beukt, bonkt op 't ijs met razend hoefgeklop,

Iedere sprong een klokslag aan de poort
Van ongeduld'ge dood: hij sart hem op.
Hij komt - Daar splijt de deur - Een worgend koord -


Brahmane I.

044


Genau wie überm Bodensee der Reiter:
Sein Pferd schneeschnaubend; er in wilder Hast;
Ein blauer Schatten, bis er grau verblasst
im Dämmern. - Nacht macht sich nun immer breiter.

Wo hört die Fläche auf? Doch in der Weite
ist keine Grenze mehr von Schnee und Dunkel.
Gottlob! Da sieht er fern ein schwach Gefunkel.
Da muss er hin. - Er muss zur andern Seite.

Der Fährmann ist bestürzt, doch an sein Ohr
drängt anderes: Er hört wie dies Galopp
pocht, rasend hämmert, immer hopp hopp hopp...

und jedes war ein Glockenschlag am Tor
des Todes. Ungeduldig. Siehe nur:
Er kommt. - Die Tür geht auf. - es würgt die Schnur. -


.
Referenz-URLs